Interview

 

Twaalf procent extra CO2-besparing kan nu al

Hoewel de Klimaatzaak nog bij de Hoge Raad ligt, neemt Marjan Minnesma van Urgenda een voorschot op CO2-besparende maatregelen die nu mogelijk zijn. ‘Alle kolencentrales sluiten neemt al een grote hap uit de huidige uitstoot.’ Minnesma is er niet op uit de industrie weg te pesten uit Nederland, maar wil wel dat de overheid haar verantwoordelijkheid neemt. ‘Je kunt niet verwachten dat de grote industriële uitstoters binnen een jaar omschakelen naar emissieloze processen. Maar je zou wel vijf jaar lang een lagere belasting kunnen opleggen om ze de ruimte te geven om te schakelen.’

David van Baarle

geanimeerde-knop

Hoewel Marjan Minnesma van Urgenda de klimaatzaak die ze aanspande tegen de Nederlandse staat in 2015 won, betekende dat niet dat Rutte II direct maatregelen nam. In plaats daarvan ging de Staat in hoger beroep, wat volgens de daarvoor verantwoordelijke minister vooral een principekwestie was. Het kabinet vond namelijk dat de rechterlijke macht niet op de stoel van de wetgevende macht moest gaan zitten. Eind 2018 bekrachtigde het Hof de uitspraak van de rechter, waarop de Staat in cassatie ging en de uitspraak van de rechter wilde laten beoordelen door de Hoge Raad. Ook hier spreekt de nieuwe minister van Economische Zaken en Klimaat over een principekwestie rondom de trias politica: de scheiding tussen wetgevende en rechterlijke macht. De Hoge Raad zal hoogstwaarschijnlijk begin dit jaar beoordelen of de feitenrechter het recht goed heeft uitgelegd en toegepast.
De eis van Urgenda en 886 mede-eisers is de uitstoot van kooldioxide in 2020 met ten minste 25 procent terug te dringen ten opzichte van 1990. Die eis lijkt nauwelijks haalbaar omdat cijfers van het RIVM laten zien dat in 2017 de uitstoot van alle broeikasgassen samen met dertien procent is gedaald ten opzichte van 1990. ‘Maar die daling is vooral toe te wijzen aan andere broeikasgassen. De CO2-uitstoot is nauwelijks gedaald’, zegt Minnesma. ‘Dat betekent dat er heel veel moet gebeuren als de Staat alsnog aan zijn zorgplicht moet voldoen.’

Burger beschermen
Het ontbreekt Minnesma zeker niet aan realiteitszin, maar de directeur van Urgenda vindt dat de overheid wel genoeg heeft vertraagd. ‘Politiek Den Haag weet al heel lang dat er afspraken zijn gemaakt om in 2020 25 procent CO2-uitstoot te reduceren. Ze hebben die tijd echter vooral gebruikt om onder de verplichtingen uit te komen. De voorstellen die nu in het Klimaatakkoord zijn gedaan, zijn boterzacht en richten zich met name op 2030. De huidige energiebesparingsverplichtingen van een paar procent per jaar, zijn gewoon niet genoeg. Er is echt een systeemverandering nodig om de sprongen te maken die nodig zijn het tij te keren. We hebben heel weinig tijd om die anderhalve graad temperatuurstijging te voorkomen. Een dergelijke stijging heeft desastreuze gevolgen voor het klimaat en brengt de burger in gevaar. De Staat heeft de plicht zijn burgers te beschermen, wat ook het uitgangspunt was voor deze rechtszaak en waar de rechter ons gelijk in gaf. Dát is namelijk de trias politica: dat je als burger naar de rechter kan als de overheid haar zorgplicht verzaakt.’
Hoe we dan in één jaar twaalf procent extra emissies moeten terugbrengen, is volgens Minnesma niet eenvoudig, maar zeker ook niet onmogelijk. ‘Er is een waslijst aan maatregelen die nu al kunnen worden genomen. Alle kolencentrales sluiten, dus niet alleen reeds afgeschreven centrales, zou al een grote hap nemen uit de huidige uitstoot. Maar de regering kan ook voorstellen overal waar nu 130 wordt gereden nog maar 100 of 120 te mogen rijden. Die laatste maatregel heeft dan maar een reductie van een halve megaton, maar is redelijk eenvoudig en goedkoop in te voeren. Voor de duidelijkheid: wij willen niet voorschrijven wat er moet gebeuren om de emissiereductie te behalen, maar wel dát het moet gebeuren. In zekere zin is de overheid het ook wel met ons eens dat de CO2-uitstoot terug moet, maar het tempo is gewoon veel te laag. De komende vijftien jaar zijn cruciaal voor het kwetsbare klimaatsysteem. Hoe langer we wachten met het nemen van maatregelen, hoe duurder de gevolgen van klimaatverandering worden voor volgende generaties.’

Ondersteunen
Hoewel Urgenda dus niet wil voorschrijven wat er moet worden gedaan om de CO2-uistoot naar beneden te krijgen, schreven de medewerkers van de landelijke organisatie voor duurzaamheid en innovatie wel het Visierapport 2030. Minnesma: ‘De CO2-uitstoot is ongeveer evenredig verdeeld tussen de gebouwde omgeving, transport en industrie, namelijk dertig, twintig en dertig procent. Alle drie de sectoren zullen dan ook hun uiterste best moeten doen hun uitstoot te verlagen en daar hoort ook overheidssteun bij. Niet alleen wat betreft financiering van de onrendabele top van de vaak innovatieve technieken, maar ook door consistent ondersteunend beleid. Dus niet de salderingsregeling de nek omdraaien als hij te succesvol dreigt te worden of elektrische auto’s toch maar hoger gaan belasten omdat de Belastingdienst moeilijk gaat doen.’

Minnesma: ‘We moeten niet doen alsof we goed presteren. Nederland staat wat betreft absolute CO2-uitstoot op plaats 34 van de wereldranglijst.’

Maar er is ook meer ruimte nodig in de garanties die netbeheerders moeten geven over de betrouwbaarheid van de netten voor de benodigde zonepanelen en e-laders. ‘De overheid zit teveel vast in controlerende systemen en risicovermijdende regelgeving terwijl het water aan de lippen staat. Onder druk wordt alles vloeibaar en dus zal je moeten accepteren dat niet alles voor 99,9 procent onder controle is. In sommige gevallen grijpen overheden de bestaande wet- en regelgeving ook aan om bewust te traineren. Met name een aantal provincies doet er alles aan om wind op land tegen te houden door zulke bovenwettelijke eisen te stellen dat er nooit een businesscase zal komen.’

Vies land
Wat Minnesma vooral mist in het huidige politieke landschap is leiderschap. ‘We zoeken het soort leiders dat zegt: we gaan voor een CO2-neutrale maatschappij, zonder dat ze zich verschuilen achter allerlei financieel economische uitvluchten. We moeten niet doen alsof we goed presteren. Nederland staat wat betreft absolute CO2-uitstoot op plaats 34 van de wereldranglijst. Zo’n 75 procent van de landen wereldwijd stoot minder uit dan wij. Omgerekend per hoofd van de bevolking betekent dat een toppositie. Wij zijn dus een redelijk vies landje. Maar we hebben ook de financiële middelen en kennis om het aan te pakken. Sterker nog: een aantal partijen staat in de startblokken om aan de slag te gaan. Zoals waterkrachtbedrijf Tocardo dat getijdenenergie in de Schelde wil produceren. Getijdenenergie is met zijn vaste productiepatronen een waardevolle aanvulling op intermitterende windenergie. Een goed leider moet niet alleen de urgentie benadrukken, maar ook het betere perspectief kunnen schetsen.’
Minnesma neemt zo nu en dan een voorschot op die rol en hielp Nuon, nu Vattenfall, bijvoorbeeld ongevraagd aan een exitplan voor de Hemweg-kolencentrale. Nuon’s grootste zorg was namelijk wat het moest doen met de tweehonderd man personeel die in en om de centrale werkte. ‘We hebben gezocht naar vacatures binnen de duurzame energiesector en konden alle tweehonderd man van een baan voorzien. Nuon wilde echter niet op het voorstel ingaan omdat ze net een akkoord had bereikt met de vakbeweging. Volgens Nuon konden ze niet meer van het sociale plan af, ook al was er een in onze ogen beter toekomstperspectief voor die medewerkers. Het toont maar weer hoe de hele samenleving is ingericht op oude zekerheden en persoonlijke of institutionele belangen. De uitdagingen die gepaard gaan met klimaatverandering en decarbonisatie vraagt om geheel nieuwe systemen, zowel technisch als sociaal maatschappelijk.’
De overheid moet nog steeds wel nadenken over welke projecten ze wil ondersteunen. ‘Zo is in mijn ogen een subsidie voor het stoken van biomassa in voormalige kolencentrales niet de juiste besteding van SDE-subsidie. Met die 1,9 miljard subsidie kun je mooi de kolencentrales uitkopen, dat is namelijk precies de winst die ze maken tot 2030.’

Warmtepompen
Ook de industrie zal zijn processen moeten aanpassen en bijvoorbeeld groene waterstof inzetten als alternatief voor fossiel methaan. Of warmtepompen gebruiken om laagwaardige restwarmte op te waarderen tot stoom. Minnesma: ’Er wordt onterecht de indruk gewekt dat warmtepompen nog niet rendabel zijn. De investeringskosten zijn weliswaar hoger dan van een gasgestookte installatie, maar over de lange termijn verdient zich dat wel terug.’

Minnesma: ‘Zolang CO2-reductie echter nog niet wettelijk is vastgelegd, kijken overheden niet verder dan vijf jaar vooruit.’

Dat geldt overigens ook voor de gebouwde omgeving. Daar wordt het beeld geschetst van warmtepompen als duur en bovendien voor veel huizen niet geschikt omdat vloerverwarming en hoogwaardige isolatie vereist is. ‘Dat is gewoon niet waar. Natuurlijk is het altijd slim om een huis te isoleren en zullen de rendementen toenemen, maar het is geen voorwaarde. Noodzakelijk is dubbel glas en een paar andere radiatoren. Wij maken nu met ons initiatief ThuisBaas een gemiddeld huis voor 35 duizend euro energieneutraal. Dat zijn forse investeringen, maar die verdien je weer terug doordat de gaskosten omlaag gaan. Je maandelijkse lasten gaan niet omhoog. Veel mensen hebben wat dat aangaat een te korte horizon en kijken alleen naar de kostenverhoging op de korte termijn, terwijl ze over tien jaar misschien wel lagere energiekosten hebben dan nu. De overheid kan hier een faciliterende rol in spelen en de burger financieel ondersteunen om die tijd te overbruggen. Zolang CO2-reductie echter nog niet wettelijk is vastgelegd, kijken overheden niet verder dan vijf jaar vooruit. Daarna kan er wel een heel nieuwe regering, college of provinciale staten zitten. Een klimaatwet met gekwantificeerde doelstellingen is dan ook cruciaal voor consequent en langdurig consistent beleid.’

Belastingverlaging
De verwijten dat de burger de rekening gepresenteerd krijgt terwijl de industrie wordt gespaard, wuift Minnesma resoluut weg. ‘We vragen de industrie om geheel nieuwe processen te introduceren. Een aantal industrietakken is bereid forse investeringen te doen als de overheid de onrendabele top voor zijn rekening neemt. De CO2-opgave is fors en dus zullen zowel de industrie, transport, gebouwde omgeving en landbouw hun steentje moeten bijdragen. Dan kan je geen partijen gaan uitsluiten. Je kunt niet verwachten dat de grote industriële uitstoters binnen een jaar omschakelen naar emissieloze processen. Maar je zou wel vijf jaar lang een lagere belasting kunnen opleggen om ze de ruimte te geven om te schakelen. Als ze weten dat ze over vijf jaar zwaar belast worden voor hun uitstoot, kunnen ze die ruimte gebruiken om zich hierop voor te bereiden.’

Video
Share

Your name

Your e-mail

Name receiver

E-mail address receiver

Your message

Send

Share

E-mail

Facebook

Twitter

Google+

LinkedIn

Sign up

Your name

Your e-mail

Sign up