De renovatie die (bijna) niemand wilde doen

Bijna niemand wilde de betonboog van de buitenverlader van Nouryon Zout in Delfzijl renoveren. Er was door het bedrijf dan ook een behoorlijk eisenpakket neergelegd. Er moest rekening worden gehouden met het getij, het storm- en broedseizoen, veiligheid, het milieu en de verlader moest ook nog eens beschikbaar zijn tijdens de werkzaamheden. Uiteindelijk zijn twee bedrijven door Nouryon samengebracht en hebben zij als nieuw bedrijf de uitdagende klus opgepakt.

Dagmar Aarts

In Delfzijl produceert Nouryon 2,7 miljoen ton zout per jaar. Dat wordt via binnenvaart- en zeeschepen verladen en vervoerd. Met behulp van de buitenverlader kan het zout in de grote zeeschepen worden gebracht. Het is eigenlijk een grote transportband. Die buitenverlader kan heen en weer rijden over een betonboog, zodat het zout kan worden verdeeld over het schip en er geen hopen ontstaan.
De hele installatie stamt uit 1972. De verlader zelf is in 2017 gerenoveerd. Daarna was de betonnen fundatie aan de beurt. De fundatie bestaat uit palen die in het zeehavenkanaal zijn geheid en waarop de betonboog ligt. Het bleek niet gemakkelijk om een aannemer te vinden voor dit project. ‘Veel vonden het risico voor de werkzaamheden te groot’, legt Henk Assink (projectleider Nouryon) uit. ‘Dat komt vooral doordat wij dagelijks een verschil van drie meter van het water hebben door eb en vloed. Dat betekent dat je al je werkzaamheden vanaf pontons moet doen. Daar is veel logistiek en facilitair management voor nodig. Er waren uiteindelijk maar twee partijen die hebben aangeboden: Sealteq en Heuvelman Ibis.’

Nieuw bedrijf
Beide partijen hadden volgens Assink een goed verhaal. Maar Heuvelman Ibis is gespecialiseerd in waterbouwprojecten en niet in betonreparaties. En Sealteq is gespecialiseerd in de reparatie en conservering van beton- en staalconstructies, maar heeft geen specialisme in het werken boven water en met schepen en kranen. ‘Onze inkoopafdeling heeft toen voorgesteld dat ze samen kunnen werken en zo allebei kunnen doen waar ze goed in zijn.’ Uit die suggesties is het nieuwe bedrijf HIS voortgekomen. In deze nieuwe vof hebben de twee partijen het werk verdeeld. Heuvelman Ibis regelt de facilitaire en logistieke zaken en Sealteq werkt aan het betonconserveringsgedeelte.

Henk Assink: ‘De markt zat niet op deze opdracht te wachten.’

Foto’s: Nouryon

Er is een contract afgesloten voor twee jaar, de duur van de renovatie. Die is in twee fasen opgeknipt. In 2018 is de eerste fase afgerond en in mei wordt begonnen met de tweede fase. In de winter kan namelijk niet worden gewerkt. De buitenverlader zit boven zee. Van de dijkbeheerder mogen geen werkzaamheden worden uitgevoerd tussen 1 oktober en 1 april vanwege het stormseizoen. Als er kranen en pontons liggen en er is een zware storm, dan zou de dijk beschadigd kunnen raken. Ook in het broedseizoen mogen niet alle werkzaamheden doorgaan. ‘Dat zijn allemaal belemmeringen die het hele proces lastig maken’, zegt Assink. Daarnaast moet de verlader ook nog 24 uur per dag beschikbaar zijn, want wij moeten ons zout kwijt kunnen.’

Vakmanschap steeds sporadischer
Assink kan zich goed voorstellen dat bedrijven het risico niet willen lopen met alle voorwaarden die zijn gesteld. ‘Wij denken wel eens als opdrachtgever dat de markt heel blij is met onze uitvraag. Maar in dit geval was het project zo specifiek dat de markt daar eigenlijk niet op zit te wachten. Door twee partijen te combineren die beiden een specialisme hebben, kunnen wij verder. Ook andere opdrachtgevers kunnen daar straks profijt van hebben. Vakmanschap wordt steeds sporadischer.’

Uitdagingen van het renovatieproject

Hoe heeft aannemerscombinatie HIS het project van Nouryon aangepakt? De projectleiders vertellen over de uitdagingen van het renovatieproject.
De eerste horde die overwonnen moest worden om de betonboog te kunnen renoveren, was het bereiken van het object. ‘Vanwege het getijde konden we niet vanaf een ponton werken’, legt Johann Dekker (projectleider Heuvelman Ibis) uit. ‘De hoogte van het water verschilt tussen eb en vloed drie meter. Als je vanaf een ponton werkt, zit je dan soms te dicht op de betonboog en soms zit je er juist te ver van af. Daarom hebben wij een loopbrug onder de constructie gebouwd.’
Deze loopbrug is aan de palen vastgemaakt waar de betonboog op ligt. Hij hangt als het ware onder de constructie. Dekker: ‘Op deze manier ben je niet meer afhankelijk van het getij. Zo konden we onder de boog doorlopen en kon er ook aan de zijkanten worden gewerkt. De loopbrug was ook helemaal dicht gemaakt, want er mocht niks in het water vallen. Vrijkomend materiaal viel in het loopbordes in een gaasdoek, waardoor we het elke dag in een keer weg konden halen.’

Zwaar aangetast
Heuvelman Ibis voerde het restmateriaal af met een kraanschip dat naast de buitenverlader lag. Daarmee kon het tegelijkertijd ook machines en materialen aanvoeren. ‘Zo waren we dicht bij de locatie en konden we makkelijker schakelen’, zegt Dekker.
Dankzij de loopbrug kon Sealteq alle betonrenovaties doen. ‘Voor ons was de betonschade een grote uitdaging’, vertelt Peter Schultinga (projectleider Sealteq). De boog was zwaar aangetast door chlorideschade. Dat ontstaat door het zoute milieu waar de betonboog in staat.

‘Er is eigenlijk maar één methode om dat duurzaam te herstellen, renoveren en beschermen en dat is met kathodische bescherming. Daarvoor zijn op de buitenzijde van het beton titanium strips gemonteerd, die samen met het in het beton aanwezige wapeningsijzer op een stroombron zijn aangesloten. Hierdoor loopt er tussen beide geleidende delen een klein stroompje door de betonconstructie waardoor chloride geen schademechanisme in gang kan zetten. Je stopt als het ware de corrosie. Daaroverheen kwam een laag spuitbeton.’

Planning
De werkzaamheden waren al bijzonder, maar het getij zorgde ervoor dat het werk nog minder standaard was. Schultinga: ‘Twee keer per dag stond het loopbordes onder water, waardoor we per dag een beperkte tijd hadden waarin we konden werken. We hadden daarnaast een relatief korte doorlooptijd, want schepen zijn lang onderweg om hier volgeladen te worden. Wij moesten ruimte vinden in de planning van het laden van de schepen om tussendoor onze werkzaamheden uit te voeren. Het betekent dat je in korte tijd veel werk moet combineren.’
Ondanks dat, is het gelukt om binnen tijd en budget de eerste fase af te ronden. In de tweede fase wordt de oostelijke helft van de betonboog aangepakt. Hier worden dezelfde werkzaamheden uitgevoerd, maar daarbij komt ook nog de renovatie van de stalen zeesteiger. Deze krijgt nieuwe loopdelen, leuningen, roosters en verlichting. Ook worden de stalen buizen die de steiger dragen geconserveerd.

Video
Share

Your name

Your e-mail

Name receiver

E-mail address receiver

Your message

Send

Share

E-mail

Facebook

Twitter

Google+

LinkedIn

Sign up

Your name

Your e-mail

Sign up